Van Columbus tot Mayflower

Vele partijen in Leiden besteden in 2020 aandacht aan het feit dat de 400 jaar geleden het schip de Mayflower naar Amerika vertrok. Alle activiteiten in de stad samen beloven een rijk en genuanceerd beeld van deze gebeurtenis. De Leidse Hortus concentreert zich op de planten die op dat moment uit Amerika bekend waren in onze streken.

De bekendste botanisten uit de tweede helft van de zestiende eeuw waren Carolus Clusius, Rembert Dodoens en Mathias Lobelius. Bij deze ‘Botanische Renaissance’ hoorde ook de oprichting van universitaire botanische tuinen, zoals Hortus botanicus Leiden (1590). De Hortus was al 30 jaar oud toen de eerste groep Pilgrims Leiden verruilde voor de Nieuwe Wereld. Er zijn geen bewijzen van, maar zij zullen ongetwijfeld in de vrij toegankelijke tuin rondgewandeld hebben.

Uit een lijst met bezittingen van een overleden Pilgrim weten we dat er een boek van kruidkundige Dodoens aan boord is geweest.

De Mechelse arts Rembert Dodoens (1517 - 1585), ook wel bekend als Rembertus Dodonaeus, was een van de meest vooraanstaande plantkundigen van zijn tijd. Dodoens kreeg in 1582 een aanstelling bij Universiteit Leiden als hoogleraar. In zijn Cruydt-Boeck worden vele planten beschreven aan de hand van kenmerken en ingedeeld in klassen; het indelingssysteem van planten en dieren, zoals Linnaeus die uitwerkte, liet nog bijna twee eeuwen op zich wachten. Daarnaast bevat het botanische werk veel duidelijke afbeeldingen. Het Cruydt-Boeck verscheen in verschillende talen, zoals Engels, Frans en Latijn. In de loop van jaren werd het werk herdrukt, maar ook aangevuld en bijgewerkt. Bij de tentoonstelling wordt het Cruydt-Boeck dat in 1608 in Leiden werd gedrukt als leidraad gebruikt. In het botanische werk worden ook planten beschreven die afkomstig zijn uit de Nieuwe Wereld, waaronder maïs, tomaat, tabak, pompoen en zonnebloem.